Nassau-Nederlands.jouwweb.nl
Home » Young Adult

Wat is Young Adult Fictie?

Je hebt al veel jeugdboeken gelezen, maar je hebt nog niet zo'n zin in boeken over volwassenen en hun problemen. Dan kan je eens kijken in de afdeling Young Adult in de bibliotheek of boekhandel. Daar vind je spannende en aangrijpende boeken over hoofdpersonen van je eigen leeftijd. Die boeken sluiten misschien aan bij jouw interesses. We noemen deze boeken ook wel adolescentenromans.

In havo 4 mag 1 titel gekozen worden uit de met * gemarkeerde romans.

 

Tips voor Nederlandse adolescentenromans

Els Beerten, Allemaal willen we de hemel *

Jef, de oudste zoon van de familie Claessen bewondert zijn vriend Ward als geen ander. Zijn kleine broertje Remi is al even dol op Ward, die alles lijkt te kunnen. Renée, hun zus, is verliefd op Ward, en hij op haar. Maar de oorlog komt steeds dichterbij en het wordt moeilijker en moeilijker om zich afzijdig te houden, zoals hun vader dat eist. Ward leert dat de Russen in het oosten moeten worden tegenge-houden om het katholicisme te redden, en meldt zich aan om samen met de Duitsers aan het oostfront te gaan vechten. Jef wil ook mee en wil net als Ward een held worden. Samen zouden ze Vlaanderen redden. Jefs vader denkt daar anders over, en dus vertrekt Ward alleen. Maar niet iedereen ziet dat als een heldendaad, en wanneer Ward met verlof komt, wordt hij met de nek aangekeken, en gebeurt er iets wat Jefs leven voor altijd zal veranderen.

 

Els Beerten, Een mens is genoeg

In een muzikaal gezin in Limburg gaat het na de plotse dood van de vader helemaal mis. Het jonge meisje Juliette en haar broer Louis proberen tegen de verdoken tirannie van hun moeder op te boksen. Als alles ontspoort, besluiten ze elders een nieuw leven te beginnen. In 'Een mens is genoeg' hebben de hoofdrolspelers bitter weinig vat op hun eigen leven. Omstandigheden maken of kraken hun dromen. Maar vriendschap vermag veel. Een waardige opvolger van 'Allemaal willen we de hemel'.

 

Imme Dros, Ongelukkig verliefd

Daan List komt van Texel. Hij heeft een groot deel van zijn jonge leven met de boot heen en weer gependeld tussen huis en school. Nu zet de boot hem voorgoed over naar het vasteland: hij begint een ander leven als student in Amsterdam. Hij laat zijn dorp achter, zijn thuis, en Reina, zijn grote liefde. Nou ja, ex-liefde. Gelukkig staat zijn vriend van altijd, Wubbe Witte ('Roomse Wubbe') naast hem op de boot: hij studeert ook in Amsterdam.

Toch valt de overgang niet mee, die is misschien wel groter dan Daan aankan. De stad en het studentenleven overdonderen hem en slepen hem mee in absurde complicaties. Katalysator daarbij is Daans nieuwe vriend, de excentrieke Icarus Bakker, branieschopper, durfal, de man die alles kan en alles heeft. Icarus neemt Daan onder zijn hoede zoals vroeger Wubbe Witte dat deed. Daan valt zelfs voor de ongenaakbare zus van Icarus, Liliane, die grote indruk op hem maakt.

In 'Ongelukkig verlief'd rondt Imme Dros haar autobiografisch getinte trilogie over een Texelse jeugd in de jaren vijftig af. Voor deel een, 'De zomer van dat jaar', kreeg ze in 1981 haar eerste Zilveren Griffel. Het vervolg, 'Lange maanden', verscheen in 1982.

 

Do van Ranst, Mombakkes*

Elk jaar op Vastenavond komen er gekken langs in het huis van Frank. Maar wie zijn die vastenavondgekken en wat doen ze? Waarom doet Mercedes er zo geheimzinnig over en waarom vertellen zijn ouders en nooit wat van?

In de beste boeken van Vlaming Do Van Ranst hangt een licht surreële sfeer. Soms door het decor, zoals het ‘glazenflessenveld’ in ‘Moeders zijn gevaarlijk met messen’; een perenboomgaard waar flessen om de beginnende vruchten zijn geschoven, die tingelen in de wind. Vaak ook zijn de personages vreemd, zoals de vader uit ‘Mombakkes’, die zijn gezin terroriseert met zijn hang naar orde en netheid.

 

Do van Ranst, De engel Yannick

Alex’ vader is een aan lager wal geraakte acteur, die de hele dag in een rolstoel voor zijn uitgewoonde caravan zit. Hij is niet gehandicapt, maar een ziekelijke aandachtvrager. Alex haat zijn vader om dat deerniswekkende toneelspel, maar komt elke keer slaafs opdraven als hij belt. En dat is vaak. Op een dag gaat pa zelfs zover dat hij beweert terminaal ziek te zijn. 

En dan is er nog Alex’ moeder, die joints rookt met haar gay best friend Carlos en verslaafd is aan sitcoms, terwijl ze het eigenlijk niet kan hebben dat alles in die tv-series altijd goed komt (en in haar leven alles fout loopt). ,,‘Stop dan met kijken’, zei ik. ‘Niks van’, zei ze. ‘Het is alles wat ik nog heb.’ ‘Je hebt mij nog’, zei ik.” 

Alex’ toon is enigszins warrig, hij zapt ogenschijnlijk stuurloos en in nonchalante, cynische spreektaal door zijn leven. Zijn eenzaamheid maakt Van Ranst knap voelbaar, maar de lijdzaamheid waarmee Alex zijn rol als speelbal van zijn ouders accepteert, begint ook wat te irriteren. Het blijft bij hatelijke opmerkingen. De situatie is intrigerend, maar je vraagt je af waar Van Ranst heen wil. 

Even lijkt het erop dat Alex zijn reddende engel heeft gevonden als hij Olympisch zwemkampioen Yannick Agnel in het zwembad tegenkomt. De sporter is de eerste die Alex’ zwemtalent ziet en bereid is hem naar een medaille te coachen.

 

Hanneke de Jong, De laatste brief

De zestienjarige Berber begrijpt niets van haar moeder die voortdurend allemaal briefjes rond laat slingeren. Ze weet niet of de inhoud van deze briefjes verzonnen of waar is. Eigenlijk heeft ze geen zin om zich bezig te houden met deze briefjes, maar toch laten ze haar niet los. Wat wil haar noeder haar nou vertellen? Ze vindt het moeilijk om contact te krijgen met haar moeder. Ze kan wel praten over gewone, dagelijkse dingen, maar voor haar belangrijke zaken komen niet aan de orde. Totdat het voor Berber duidelijk wordt dat haar moeder haar een ingrijpend verhaal te vertellen heeft. Deze jeugdroman is oorspronkelijk in het Fries verschenen. Er lopen twee verhaallijnen door elkaar: het verhaal van Berber en de brieven van haar moeder. De brieven zijn afgedrukt in een typeletter. Het boek is in de ik-vorm geschreven, waarbij de 'ik' Berber is. Het taalgebruik is hedendaags. Het boek is boeiend en vlot geschreven. De hoofdpersoon is goed gekarakteriseerd en de beoogde leeftijdsgroep zal zich in dit personage kunnen herkennen. Vriendschap, liefde, conflicten zijn thema's die naar voren komen.

 

Ted van Lieshout, Gebr.*

In het oeuvre van Ted van Lieshout neemt Gebr. een belangrijke plaats in; het is het deels autobiografische verhaal over het verlies van zijn broer. Kun je nog een broer zijn als je broer dood is? Dat vraagt de zestienjarige Luuk zich af als zijn jongere broer Marius is gestorven. Die laat een dagboek na dat Luuk met zichzelf confronteert. Wat Marius al over hem wist, probeerde Luuk nog te verbergen, namelijk dat hij meer van jongens dan van meisjes houdt.

 

Benny Lindelauf, De hemel van Heivisj*

Ik tuurde naar het bed van Liesl. Ze lag als een eilandje in het veel te grote ledikant. Naast haar lag de grijze flodderjurk. Ze had de mouwen boven de dekens gelegd, als een spook zonder hoofd. Het klinkt misschien vreemd, maar voor het eerst vroeg ik me af wie Liesl eigenlijk was. Waarom woonde ze niet meer bij haar ouders? En waarom was ze in het holst van de nacht vanuit Duitsland naar onze stad gehaald?

Zuid Limburg, 1938. Fings droom is zojuist in duigen gevallen. In plaats van dat ze mag doorleren voor onderwijzeres, moet ze gaan werken bij de Sigarenkeizer. Het werk stelt niet veel voor: ze wordt oppas van Liesl, het eigenaardige nichtje van de vrouw van haar baas. Maar dan breekt de Tweede Wereldoorlog uit en Liesl blijkt in groot gevaar. De enige die haar kan helpen is Fing. Als het noodlot onafwendbaar lijkt, krijgt Fing op wonderbaarlijke wijze hulp. Niet van mensen maar van een mijnpaard genaamd Heivisj en een stokoude linde. Maar zal de redding op tijd zijn?

 

Bart Moeyaert, Kus me

In Kus me brengen vier jongeren de middag door bij een meer. Ze spelen een riskant spel: per twee vertrouwen ze elkaar een geheim toe. Maar ieder van hen heeft ook een geheim dat hij niet met een ander wil delen. Als Lena de zwakke plek van de Valse Blonde ontdekt, heeft ze voor het eerst de touwtjes in handen.

 

Bart Moeyaert, Wespennest

Suzanne groeit op in een dorp waar iedereen alles van elkaar weet. Op de dag van het jaarlijkse zomerfeest geeft een onbekende jongen Suzanne het laatste duwtje dat ze nodig heeft om de sfeer van haat en nijd in het dorp voor eens en voor altijd te doorbreken.

 

Lieneke Dijkzeul, Kortsluiting

Daniel komt in een pleeggezin terecht en woont voor het eerst bij een echte familie. Maar wanneer zijn pleegzusje Marieke iets onvergeeflijks doet, slaan bij Daniel de stoppen door.

 

Erna Sassen, Dit is geen dagboek

Niet aan de verwachtingen voldoen dat wordt mijn levensdoel, heb ik vannacht besloten.Vanaf vandaag ga ik mijn uiterste best doen iedereen teleur te stellen.

Een paar jaar na het overlijden van zijn moeder wordt de 16-jarige Boudewijn ‘ziek’. Hij is totaal apathisch en komt zijn bed niet meer uit. Zijn vader stelt hem voor de keuze: ‘Vanaf nu schrijf je elke dag een stukje in dit schrift en je luistert elke dag naar tenminste één van deze cd’s. Zo niet, dan laat ik je opnemen.’

Bou begint met forse tegenzin aan zijn ‘strafwerk’, maar gaandeweg blijkt het schrijven een uitlaatklep.

 

 

Jan Simoen, Met mij gaat alles goed. En met Anna?

Jonas en Michaël zijn stiefbroers. Allebei storten ze zich met veel enthousiasme in het leven: Jonas zoekt de actie in New York en Michaël gaat in Italië muziek studeren. Maar dan ontdekt Jonas dat hij seropositief is, en Michaël ontdekt dat hij een (ex-)Joegoslaaf is.

'Er is oorlog in mijn land,' schrijft Michaël aan Jonas.

'Ik heb een oorlog in mezelf,' schrijft Jonas terug.

En met Anna?

Anna is 'het meisje met die twee broers'. Anna is pas zestien, maar zij heeft al heel wat klappen te verwerken. Hoe kom je dat te boven? Ach, wegstoppen. Niet aan denken. Het lukt Anna vrij goed te vergeten. Tot ze een brief uit Kroatië krijgt.

'Uitgerekend uit ex-dinges. Uitgerekend vandaag. Ik voelde me alsof ik een schommel tegen mijn hoofd kreeg.' Wegstoppen lukt niet meer, het verleden is actueler dan ooit.

 

Marita de Sterck, Op kot

Nina gaat studeren in de stad. Ze vindt een kamer in een groot, oud huis en is haar eigen baas. Maar met het studeren wil het niet echt vlotten. Is die geneeskunde wel iets voor haar? Of kan ze haar draai niet vinden omdat ze moet wennen aan vuistdikke syllabussen, aan de gore keuken en badkamer en aan haar rare huisgenoten? Judith praat met heiligenbeelden. Laura is de hele nacht aan het chatten. David gluurt naar de meisjes. Bo gaat helemaal op in vreemde studentenrituelen. Karim kijkt dwars door de mensen heen. Raar volk. Maar is Nina zelf wel zo gewoon? Nu ze helemaal op zichzelf is duikt ze in haar verleden, in haar eigen prehistorie. Er komt oud zeer boven. Het wordt een lastig maar belangrijk jaar voor Nina. Zoveel keuzes, zoveel beslissingen, zoveel probeersels. Ze struikelt en valt, ze gaat plat op haar gezicht. Zal het haar lukken nieuwe vrienden te maken? Zal ze haar eigen plek in de stad, in het huis, in haar kot, in haar vel vinden?

 

Marita de Sterck, De hondeneters*

Eind 1917, in volle oorlogstijd, loopt Victor weg van huis om zijn herdershond te zoeken. Uit zijn vaders bureau steelt hij een mes, geld en een pak brieven van zijn broer, die aan het front zit. Op de armenmarkt hoort Victor dat in deze hongerwinter elke hond gevaar loopt. Hij kan niet anders dan het pad van de hondenvangers volgen, langs verraderlijke rivieren en hongerige moerassen. In de ruige, verarmde Rupelstreek ontmoet Victor het schoonste meisje van de wereld, brutale straatmadelieven, de vrouw met de baard, en de hondenslachter van Boom. Een spijkerharde roman over de Eerste Wereldoorlog en de grenzen van de menselijkheid.

 

Edward van de Vendel, De dagen van de bluegrassliefde*

Tycho is achttien en na zijn eindexamen gaat hij voor het eerst alleen op reis: hij wordt junior assistant in een Amerikaans kinderkamp. Daar sluit hij meteen vriendschap met de Noor Oliver, even oud als Tycho en voetballer. Het wordt een zinderende zomer, die hun leven voor altijd verandert. Wat doe je als je leven radicaal omgekeerd wordt? Vechten of volgen? Aanvallen of verdedigen? Stilstaan of meebewegen?

 

Jan de Zanger, Hadden we er maar wat van gezegd!*

De auteur beschrijft in 13 hoofdstukken een dag uit het leven van een geslaagd advocaat. Wel een bijzondere dag. Na 25 jaar zal hij zijn eindexamenklas terugzien op een reünie. Een onheilspellende dag ook, want nog steeds heeft hij nachtmerries over onduidelijke gebeurtenissen in dat eindexamenjaar. Een klasgenoot heeft, vlak voor het examen, zelfmoord gepleegd. Wie waren daaraan schuldig? Mede om dat uit te zoeken neemt hij deel aan die reünie. In gesprekken met klasgenoten passen langzamerhand de stukjes van de legpuzzel in elkaar. Tijdens een etentje aan het eind van de dag met de klasgenoten, wijst hij, in een schitterend betoog, de hoofdschuldigen aan van het drama 25 jaar geleden, zonder daarbij zichzelf vrij te pleiten. 

 

Floortje Zwigtman, Vlam

Christian Duses eerste dag op de Isola-universiteit begon niet goed. Dat hij de tram gemist had, was zijn eigen schuld geweest, maar de rest was beschikt door een hogere macht. Zijn zus Una had het op God gehouden, zijn beste vriend Chaim op satan. Ze wisten alle drie dat het eigenijk Roxane Tron was geweest. De 18-jarige Roxane Tron is de dochter van Dux Tron, dictator van het eiland Chimeria. Ze groeit onbezorgd en gelukkig op en heeft geen idee wat er zich in haar land afspeelt. Aan de nieuwste films en muziek uit het westen heeft ze geen gebrek: haar oudere, rebelse broer Axis smokkelt van alles de grens over. Christian Duse speelt samen met zijn zussen Una en Marina, broer Rafael en vriend Chaim in een band. Hij wil niet al te veel nadenken over de onderdrukking en armoede op Chimeria en stort zich liever op het maken van muziek of het tekenen van strips. Maar dat verandert wanneer Roxane zijn pad kruist en verliefd op hem wordt. Christian kan de dochter van de dictator onmogelijk iets weigeren, en langzaam maar zeker wordt hij meegezogen in een wereld van verraad, leugens en geweld... 

 

Wilma Geldof: Elke dag een druppel gif 

Amsterdam, 1948: Maarten Prins (19) krijgt een relatie met Hanne, verpleegster in het ziekenhuis waar hij als nachtportier werkt. Een perfect baantje, want “de nachten vragen nergens om. De nachten lijken vaak lichter dan de dagen.” Maar Hanne stelt wél vragen. Over vroeger, de oorlog. Schoorvoetend, uit angst haar kwijt te raken, onthult Maarten zijn geheim: hij komt uit een NSB-gezin. In lange, schrijnende terugblikken met veel heftige scènes, lees je hoe Maarten vanaf zijn elfde geleidelijk met het nationaal-socialisme wordt geïnfecteerd. Wilma Geldof beschrijft hem als een gevoelig moederskindje, dat moet opboksen tegen zijn sterke broer Walter en smacht naar zijn vaders waardering, waardoor je eenvoudig sympathie voor hem opbrengt. Op school tuigen zijn klasgenoten hem af en raakt hij zijn beste vriend kwijt. Offers om tot Hitlers voorhoede te mogen behoren, volgens vader. De Reichsschule in Valkenburg is Maartens redding: daar voelt hij zich eindelijk veilig en vergeet hij langzaam de buitenwereld. Pas aan het eind van de oorlog hoort hij over concentratiekampen. Propaganda van de geallieerden, denkt Maarten aanvankelijk. Maar na de vrede, in een heropvoedingskamp, beseft hij langzaam dat zijn ouders de verkeerde kant hebben gekozen.